Op deze pagina vindt u informatie over de procedures, begripsomschrijvingen, oordelen en adviezen, standpunten van de betrokken instanties en de jaarverslagen.

Melding niet-natuurlijke dood aan lijkschouwer

Late zwangerschapsafbreking is, evenals levensbeëindiging bij pasgeborenen, een niet-natuurlijke dood.

Een arts die een late zwangerschapsafbreking of levensbeëindiging bij een pasgeborene heeft uitgevoerd, moet een dergelijke niet-natuurlijke dood altijd melden bij de gemeentelijke lijkschouwer middels een daartoe vastgesteld modelverslag. Er is een modelverslag late zwangerschapsafbreking categorie 1 en 2 en een modelverslag levensbeëindiging pasgeborene.


De gemeentelijk lijkschouwer schouwt het lichaam en gaat na hoe en met welke middelen het leven is beëindigd. Vervolgens neemt de gemeentelijke lijkschouwer contact op met de officier van justitie die het verlof tot begraven of cremeren afgeeft. De lijkschouwer heeft verder geen rol in de meldingsprocedure.
Vervolgens stuurt de arts het modelverslag inclusief alle relevante aanvullende documenten naar de beoordelingscommissie.

Melding late zwangerschapsafbreking of levensbeëindiging pasgeborene aan de beoordelingscommissie

In het modelverslag motiveert de arts waarom naar zijn/haar mening aan de zorgvuldigheidseisen is voldaan. Tevens worden alle relevante aanvullende documenten bijgevoegd waaronder een medisch journaal en/of specialistenbrieven en een verslag van een onafhankelijk arts dan wel behandelteam. In ieder geval worden alle documenten bijgevoegd waarnaar de arts in zijn melding naar verwijst.

De vragen in het modelverslag zijn bedoeld om voor de beoordelingscommissie inzichtelijk te maken of en zo ja hoe aan de zorgvuldigheidseisen is voldaan. In verband met de leesbaarheid wordt het op prijs gesteld als het verslagmodel digitaal wordt ingevuld.

Registratie en primaire beoordeling melding

Als het secretariaat van de beoordelingscommissie de melding heeft ontvangen, wordt de melding geregistreerd. Na ontvangst van de melding stuurt de secretaris een ontvangstbevestiging naar de arts. De secretaris van de beoordelingscommissie maakt een inschatting of de melding compleet is dan wel aanvullende gegevens nodig zijn. In het laatste geval vraagt de secretaris de aanvullende gegevens schriftelijk en/of digitaal op bij de arts. De secretaris bundelt alle ontvangen stukken in een dossier en agendeert de melding voor de eerstvolgende vergadering.

Beoordeling melding

Aan de hand van het dossier stelt de secretaris een concept-oordeel op dat ter beoordeling aan de leden van de beoordelingscommissie wordt voorgelegd in een daartoe belegde vergadering. Mocht het dossier daartoe aanleiding geven, dan is het mogelijk dat de beoordelingscommissie de arts en/of andere betrokken zorgverleners uitnodigt voor een gesprek. Nadat de commissie heeft besloten of aan de zorgvuldigheidseisen is voldaan, stuurt de commissie haar oordeel aan de arts, en indien van toepassing aan het College van procureurs- generaal van het Openbaar Ministerie en/of aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Werkwijze beoordelingscommissie

De beoordelingscommissie heeft haar werkwijze nader uiteengezet in een door haar opgesteld Reglement. In dit reglement is onder meer geregeld:

  • de wijze waarop de beoordelingscommissie tot haar oordeel komt
  • de informatie verstrekking aan de arts over de procedure en de inhoud van het oordeel van de beoordelingscommissie
  • het verschonings- en wrakingsrecht van de leden van de beoordelingscommissie
  • de jaarlijkse verslaglegging van de werkzaamheden van de beoordelingscommissie